Home » Blog » Als psycholoog in opleiding tot arts – Cornelie Andela

Als psycholoog in opleiding tot arts – Cornelie Andela

Cornelie D. Andela is sinds 2011 werkzaam als psycholoog-onderzoeker bij de afdeling endocrinologie van Leids Universitair Medisch Centrum. In 2017 verdedigde zij haar proefschrift over de psychosociale lange termijn effecten van hypofyse-/bijnieraandoeningen.

In 2011 begon ik, als net afgestudeerd psycholoog, aan mijn promotieonderzoek naar de psychosociale lange termijneffecten van hypofyse-/bijnieraandoeningen. Ik was al sinds lange tijd geïnteresseerd in hoe bepaalde lichamelijke aandoeningen, direct of indirect, invloed kunnen hebben op het psychologisch functioneren. In de literatuur waren er aanwijzingen dat hypofyse-/bijnieraandoeningen naast lichamelijke klachten, ook gepaard konden gaan met psychologische klachten. Tijdens mijn promotieonderzoek raakte ik meer en meer geïnteresseerd in dit belangrijke grensgebied tussen het lichamelijke- en het psychische functioneren. Om dit grensgebied beter te begrijpen besloot ik in 2015 om geneeskunde te gaan studeren, met uiteindelijke doel arts te worden.

Over een paar weken is het zover, dan zal ik mijn studie geneeskunde afronden!

Ik kijk terug op een interessante, leerzame en vooral verrijkende studie. De laatste twee jaar van de studie bestaat uit het lopen van de zogenaamde ‘coschappen’. Hierbij loop je gedurende een aantal weken, soms maanden, mee met een bepaald medisch specialisme (o.a. interne geneeskunde, chirurgie, neurologie, gynaecologie, kindergeneeskunde, huisartsgeneeskunde). Je kijkt mee met arts-assistenten en medisch specialisten. Vanuit mijn achtergrond als psycholoog was het een feest om met zo veel verschillende dokters in verschillende ziekenhuizen mee te lopen. Zo keek ik bijvoorbeeld vaak mee tijdens de poliklinische spreekuren. In de gesprekken die ik tijdens mijn onderzoek heb gevoerd met patiënten met een hypofyse/bijnier aandoening, hoorde ik nog al eens terug dat een behandelend arts weinig aandacht zou hebben voor psychologische klachten en de impact van de aandoening op het dagelijks leven. In de vele gesprekken die ik als coassistent heb mogen bijwonen heb ik veel verschillende ‘stijlen’ van arts-patiënt contact gezien. Van de arts die alleen aandacht leek te hebben voor een laboratoriumuitslag of scan en gedurende bijna het gehele gesprek druk typend naar zijn computerscherm zat te kijken, tot de arts die naast de aandoening ook geïnteresseerd was in de patiënt achter de aandoening en die pas het gesprek beëindigde nadat hij/zij er zeker van was dat de patiënt alle informatie had begrepen. En alle stijlen van arts-patiënt contact hier tussenin. Voor het overgrote deel waren dit voor mij indrukwekkende, leerzame en mooie gesprekken.

Naar mijn ervaring is er in de huidige studie geneeskunde veel aandacht voor de psychologische kant van lichamelijke ziektes/aandoeningen. Dus aandacht van de behandelend arts voor eventuele psychologische gevolgen kan in de toekomst alleen maar beter worden.

Momenteel ben ik bezig met mijn semi-arts stage (senior coschap) dat ik over een aantal weken afrond waarna ik als arts aan het werk zal gaan. Ik hoop mijn achtergrond en ervaring als psycholoog mee te nemen in mijn toekomstige baan, om niet alleen een ziekte of aandoening te behandelen, maar ook de mensen achter de aandoening te begeleiden.

En, lukt het mij niet altijd even goed. Laat u het mij dan weten?

2 reacties

  1. Gemma van den Akker zegt:

    Dag,
    Heel erg fijn dat u deze doelstelling heeft onderzocht en verder wilt ontwikkelen. En bovendien al die jaren studie en ervaring er aan heeft willen wijden.
    Juist met een achtergrond als arts zal er wellicht ook eerder naar u geluisterd wanneer u tav de psychische effecten bij hypofyse en bijnieraandoeningen iets vaststeld, en iets zou willen verbeteren.
    U eindigt ook op een mooie open manier door uzelf toegankelijk te houden voor verbetering en feedback.

    In de loop van volgend jaar hoop ik mijn boek “Pleidooi voor de ziel” uit te kunnen brengen. Mijn ervaringsverhaal als Cushing patiënt, waarin, (zoals zo vaak bij deze aandoening), een lange tocht wordt aflegt alvorens gediagnosticeerd te worden met alle gevolgen van dien, zowel lichamelijk als geestelijk. Het boek bevat vervolgens wetenschappelijk onderzoek en uitleg over het fenomeen ziel. En tot slot praktische tools hoe hulpverleners en naasten ten alle tijden zich kunnen bedienen van een mensinclusieve zorg.

    Geschreven vanuit mijn ervaring als patiënt, als ook vanuit mijn ervaring van hulpverlener in de reguliere en complementaire geneeskunde.

    Misschien heeft u hier ook nog eens iets aan.

    Groet van Gemma

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *